Level 4 Level 6
Level 5

第4課


68 words 0 ignored

Ready to learn       Ready to review

Ignore words

Check the boxes below to ignore/unignore words, then click save at the bottom. Ignored words will never appear in any learning session.

All None

Ignore?
〜を学ぶ
leren; studeren; les nemen
現代
de dag van vandaag; tegenwoordig; vandaag; heden
お年寄り
ouderen; bejaarden
種類
soort; type (kind; sort; type)
健康
gezondheid (health)
健康な
gezond (healthy)
番組
(TV/radio) programma
代表的な
representatief; typisch
相撲
sumo worstelen
国内
a country's interior
国内の
binnenlands; domestic
試合
game; wedstrijd
選手
atleet; speler
すべて
(Adv) geheel; alle (Noun) alles; alle
〜に・〜で勝つ
winnen
成長
groei
〜が成長する
groeien; opgroeien
笑顔
glimlach
大声
luide stem
〜が叫ぶ
schreeuwen; roepen; kreet
〜に・〜で負ける
verliezen; verslagen worden
くやしい
vernederend; (someone is) frustrated; (something is) regrettable
〜をばかにする
neerkijken op; uitlachen; make fun of
絶対に
absoluut; zeker; volkomen
buiging; etiquette; dank
礼をする
buigen
〜に向かって
naar; in de richting van; for; toward
お互いに
(naar) elkaar; (naar) elkander
挨拶
begroeting
〜に挨拶する
groeten
尊敬
respect
〜を尊敬する
respecteren; opkijken naar; je respect tonen naar
感謝
dankbaarheid; waardering
〜に感謝する
bedanken; je dankbaarheid uiten
〜を表す
uitdrukken; vertegenwoordigen
〜を含む
bevatten; inhouden; behouden (hold)
礼儀正しい
goedgemanierd; hoffelijk; beleefd
〜が育つ
(op)groeien; grootgebracht worden
〜に通う
(geregeld; regularly) naar (school, werk, etc.) gaan
精神
mind; spirit; will
精神力
emotionele kracht; mentale kracht
能力
bekwaamheid; capaciteit; competentie
運動能力
atletische bekwaamheid
プレー
play
プレーをする
to play
〜を折る
breken (een stok'ig object); fracture
〜を打つ
raken; slaan (hit; strike)
〜を投げる
gooien; werpen; pitchen
〜に驚く
verrast zijn; geshoqueerd zijn
hij; vriendje
〜に〜を与える
geven
金メダル
gouden medaille
〜を育てる
grootbrengen; trainen
zitplaats; zitplek
〜を譲る(ゆずる)
geven; afstaan; opgeven (je zitplek aan een oudere)
〜に迷う
je weg kwijtraken; onzeker zijn; aarzelen; verdwalen
一般的な
algemeen; gemeenschappelijk (general; common)
〜部
club; divisie; afdeling
部活
club activities
先輩
one's senior
後輩
one's junior
関係
relaties
上下関係
hiërarchische relaties
部員
member (of a club)
新入部員
new member
詳しい
gedetailleerd; uitvoerig
半年
een half jaar
道具
werktuig; instrument; gereedschap