Level 14 Level 16
Level 15

Les 5 - Dialoog (T1)


79 words 0 ignored

Ready to learn       Ready to review

Ignore words

Check the boxes below to ignore/unignore words, then click save at the bottom. Ignored words will never appear in any learning session.

All None

Ignore?
en affär
een winkel, zaak
affärer
winkels
alltid
altijd
annan
ander (m/v)
annat
ander (o)
andra
andere (mv)
ett antal
een aantal
att betala
betalen
att bli
worden
att bruka
gewoonlijk (doen)
att få
mogen, moeten, kunnen; ontvangen
att handla
boodschappen doen; gaan (over)
att kunna
kunnen
jag kan
ik kan
att köpa
kopen
att läsa
lezen
att sälja
verkopen
att titta
kijken
att tycka
vinden, denken van
att tycka om
leuk vinden, houden van
att växla
wisselen
en banan
een banaan
bananer
bananen
billig
goedkoop
bra
goed
en butik
een winkel(tje)
butiker
winkel(tje)s
en dag
een dag
dagar
dagen
där
waar
dyr
duur
efter
na
ett exempel
een voorbeeld
en expedit
een (winkel)bediende
expediter
(winkel)bedienden
ett folk
een volk, mensen
en frukt
een vrucht, fruit
frukter
vruchten, fruit
färsk
vers
ett fönster
een raam
för
voor
god
goed; lekker
en grönsak
een groente
grönsaker
groenten
en gågata
een winkelstraat
en kassa
een kassa
ett kilo
een kilo
en krona
een kroon
en kö
een (wacht)rij
köer
(wacht)rijen
ett kött
een vlees
ett liv
een leven
ett livsmedel
een levensmiddel
lång
lang
man
men
mat
voedsel, eten
ett medel
een middel
ett mynt
een munt
en potatis
een aardappel
potatisar
aardappelen
ett pris
een prijs
priser
prijzen
en saluhall
een overdekte markt
saluhallar
overdekte markten
en sedel
een bankbiljet
sedlar
bankbiljetten
ett skyltfönster
een etalage
slut
op, afgelopen
ett snabbköp
een supermarkt
ett ställe
een plaats, plek
ett tecken
een teken
tillbaka
terug
en tomat
een tomaat
tomater
tomaten
trevlig
gezellig, leuk, aardig
utan
maar (na ontkenning)
en vara
een artikel
ett varuhus
een warenhuis
ett öre
een öre