Level 10 Level 12
Level 11

woorden les 8


69 words 0 ignored

Ready to learn       Ready to review

Ignore words

Check the boxes below to ignore/unignore words, then click save at the bottom. Ignored words will never appear in any learning session.

All None

Ignore?
ooit, eens, vroeger
olim
prijzen
laudo (laudare)
wekken, opwekken, opjagen
excito (excitare)
vijand
hostis, hostem
vroeger
antea
jongen
puer, puerum
aanzienlijk, van hoge afkomst
nobilis, nobile
hij was
erat
de gewoonte hebben, gewoonlijk doen
soleo (solere)
slapen
dormio (dormire)
nadat
postquam
binnengaan
intro (intrare)
daar
ibi
verschrikt
territus, territa, territum
geschreeuw, lawaai
clamor, clamorem
zich haasten
propero (properare)
hoofd
caput
begrijpen
intellego, intellexi (intellegere)
zien
video, vidi (videre)
vlam
flamma
onze, van ons
noster, nostra, nostrum
slaaf
servus
hele, gehele
totus, tota, totum
verschijnen
appareo, apparui (apparere)
bijeenroepen
convoco (convocare)
hen, deze(n), die
eos
toen, wanneer
cum
verbieden
veto, vetui (vetare)
waarom
cur
zegt (hij), zei (hij)
inquit
grootste, zeer groot
maximus, maxima, maximum
opvallend, bijzonder, bekend
insignis, insigne
zeggen
dico, dixi (dicere)
zoals, als
ut
zelf
ipse, ipsa, ipsum
branden, in brand staan
ardeo, arsi (ardere)
leren kennen, vernemen
cognosco, cognovi (cognoscere)
verliezen
amitto, amisi (amittere)
ontvangen, verkrijgen, vernemen
accipio, accepi (accipere)
rennen
curro, cucurri (currere)
pakken, nemen
capio, cepi (capere)
samenkomen
convenio, conveni (convenire)
eisen, vragen
posco, poposci (poscere)
dragen, brengen, verdragen
fero, tuli (ferre)
vrouw, echtgenote
mulier, mulierem
boek
liber, mv. libri
prijs
pretium
weer, terug
rursus
menen
puto (putare)
vinden, beschouwen als
puto (putare) + 2 acc.
zoeken, vragen
quaero, quaesivi (quaerere)
te veel, te groot
nimius, nimia, nimium
komen
venio, veni (venire)
tenslotte, eindelijk, uiteindelijk
tandem
lachen
rideo, risi (ridere)
goddelijk
divinus, divina, divinum
plaatsen, neerleggen
pono, posui (ponere)
plaatsen op, leggen op
impono, imposui (imponere)
dezelfde, hetzelfde
idem
overig
reliquus, reliqua, reliquum
drie
tres
kopen
emo, emi (emere)
meer
magis
ander
alius, alia, aliud
voorbereid, gereed, bereid
paratus, parata, paratum
in brand steken
incendo, incendi (incendere)
haar, deze, die
eam
nergens
nusquam
vragen, streven naar
peto, peti/petivi (petere)