Level 68 Level 70
Level 69

TL2 5.2 - KJZN


69 words 0 ignored

Ready to learn       Ready to review

Ignore words

Check the boxes below to ignore/unignore words, then click save at the bottom. Ignored words will never appear in any learning session.

All None

Ignore?
weg van
ab-
weggaan
abīre
naar, tot bij
ad-
erbij zijn, helpen
adesse (adsum)
drijven, bedrijven, doen, handelen
agĕre (ago)
wapens
arma, armorum
horen
audīre
maar; echter
autem
het goede, iets goeds
bonum, i
vangen, pakken, nemen
capĕre (capio)
hoofd
caput, capitis
zeker, betrouwbaar
certus, a, um
vlug
cito (bijw.)
opjagen, opruien
concitare
bewaking, wacht
custodia, ae
geven
dăre
naar beneden
de-
uit elkaar, vaneen
dis-
uit
ex + abl.
maken, doen
facĕre (facio)
deze, dit (hier dicht bij mij)
hĭc, haec, hŏc
van hier, hier vandaan
hinc
al, reeds
iam
hij zegt, hij zei
inquit
hij, zij, het; die, dat
is, ea, id
zo, op zo'n manier
ita
bevelen
iubēre (iubeo)
ramp, slechte daad
malum, i
vermelden
memorare
vrees, angst
metus, us
mijn
meus, a, um
vrouw
mulier, muliĕris
laat niet ...
ne + coni. pr. (hoofdzin)
"dit is een vraag" (niet vertalen)
-ne
nu
nunc
in de weg
ob-
doden
occīdĕre (occido)
heel, geheel
omnis, e (ev.)
vader
pater, patris
door, door en door
per-
1 te gronde richten, ruïneren 2 verliezen
perdĕre (perdo)
pf. van perire: vergaan, omkomen
perii
vergaan, omkomen
perire
kunnen
posse
pf. van ponĕre: plaatsen
posui
plaatsen
poněre (pono)
wanneer?
quando
wie?
quis
wat?
quid
ook maar iemand
quisquam
ook
quoque
hoe?
quomŏdo
antwoorden
respondēre (respondeo)
vragen
rogāre
opnieuw, terug
rursus
oude man
senex, senis
toelaten, laten gebeuren
sinĕre (sino)
hoop
spes, ei
nemen, opnemen
sumĕre (sumo)
opstaan
surgěre (surgo)
zwijgen
tacēre (taceo)
over
trans-
overhandigen, overgeven
tradĕre (trado)
jouw
tuus, a, um
waard zijn, gezond zijn
valēre (valeo)
komen
venīre (venio)
waar, echt
verus, a, um
pf. van vidēre: zien
vidi
waken
vigilare