Level 10 Level 12
Level 11

401 - 440


40 words 0 ignored

Ready to learn       Ready to review

Ignore words

Check the boxes below to ignore/unignore words, then click save at the bottom. Ignored words will never appear in any learning session.

All None

Ignore?
ppp. van orior
ortus
ontstaan; beginnen: opkomen (van de zon): (+ abl.) geboren worden (uit); afstammen (van)
orior (oriri)
het oosten
oriens; orientis
daarvandaan: daarna
inde
compar. van bonus: beter
melior; melius (gen.: melioris)
compar. van bonus: beter
melius
(ver)dienen
mereo (merēre)
verdienste
meritum
vrezen; bang zijn (voor)
timeo (timēre)
enig; iemand
ullus; -a; -um (gen. ullius)
vol van
plenus;-a; -um (+ gen.)
onafgebroken; helemaal
usque
(elk van) beide(n)
uterque; utraque; utrumque (gen. utriusque)
waard; waardig
dignus; -a; -um + (abl.)
bevallen; in de smaak vallen
placeo (placēre) (+ dat.)
of; hetzij
seu (= sive)
legerkamp
castra; castrorum
(be)wenen; huilen
fleo (flēre)
licht
levis; -e
voorbereid; gereed
paratus; -a; -um
voorbereiden: verschaffen
paro (parare)
eerder
prior; prius (gen.:prioris)
eerder
prius
vanwege
propter (+ acc.)
drinken
bibo (bibĕre)
uur
hora
grijpen; roven; meesleuren
rapio (rapĕre)
losmaken: betalen
solvo (solvĕre)
perf. van cognosco (kennen)
cognovi
ppp. van cognosco
cognitus
leren kennen; vernemen: (perf.) kennen
cognosco (cognoscĕre)
of
an (in vraagzin)
licht: oog
lumen; luminis
slaap
somnus
vrouw; echtgenote
uxor; uxoris
rij; gelid: rang; klasse: (volg)orde
ordo; ordinis
perf. van cado
cecĭdi
vallen
cado (cadĕre)
hart; geest
cor; cordis
sterven
morior (mori)