Level 4 Level 6
Level 5

101 - 125

27 words 0 ignored

Ready to learn       Ready to review

Ignore words

Check the boxes below to ignore/unignore words, then click save at the bottom. Ignored words will never appear in any learning session.

All None

mijden, meed, gemeden
to shun, avoid
moeten, moest, gemoeten
to have to, must, be obliged to
mogen, mocht, gemoogd
to be allowed to, be permitted to, like; may
nemen, nam, genomen
to take
noemen, noemde, genoemd
to name, call
ontmoeten, ontmoette, ontmoet
to meet, encounter
plaatsen, plaatste, geplaatst
to place, put; to post, station; to give employment to
praten, praatte, gepraat
to talk, chat
prijzen, prees, geprezen
to praise
proberen, probeerde, geprobeerd
to try, attempt
raden, raadde, geraden
to advise, guess (at)
raken, raakte, geraakt
to hit, touch; to affect, concern;
raken, raakte, zijn geraakt
to get (into), come (by, into), become, take to
regenen, regende, geregend
to rain
reizen, reisde, gereisd
to travel
reizen, reisde, zijn gereisd
to travel (toward a place)
rekenen, rekende, gerekend
to count, calculate; to charge
repareren, repareerde, gerepareerd
to repair
rijden, reed, gereden
to ride, drive
rijden, reed, zijn gereden
to ride, drive (toward a place)
rijzen, rees, zijn gerezen
to rise; to come up (problems)
roepen, riep, geroepen
to call, shout
roken, rookte, gerookt
to smoke
ruiken, rook, geroken
to smell, scent; to sense
scheiden, scheidde, gescheiden
to divide, sever
scheiden, scheidde, zijn gescheiden
to divorce; to take leave
schenken, schonk, geschonken
to pour (out); to give (as a gift), bestow